Nieuws

FLITS : Update milieu- en preventiewetgeving 4e kwartaal 2014

 

Hieronder volgt een update van de meest relevante wijzigingen van de milieu- en preventie wetgeving en dit telkens met de link naar de wetgeving. Het betreft de wijzigingen vanaf 23/09/2014 t.e.m. 17/12/2014.

 

MILIEU

AFVAL

 

  • Verordening (EU) nr. 1234/2014 van de Commissie van 18 november 2014 tot wijziging van de bijlagen IIIB, V en VIII bij Verordening (EG) nr. 1013/2006 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de overbrenging van afvalstoffen, E.P. 19 november 2014.
  • De internationale afspraken gemaakt tussen de landen die lid zijn van “het verdrag van Bazel” aangaande het uitvoerverbod van plastic-, plastic-aluminiumfracties en laminaatafval voor zelfklevende etiketten werden overgenomen in de Europese Afvaltransportverordening. Ook werden de regels voor het milieuhygiënisch verantwoord beheer van gebruikte en afgedankte computerapparatuur aangepast.

 

ALGEMEEN

 

  • Besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 tot wijziging van diverse besluiten inzake leefmilieu, wat betreft een aanpassing aan de evolutie van de techniek en aan de CLP-Verordening, B.S. 24 september 2014.
  • Deze wijziging omvat de VLAREM TREIN 2013 en wijzigt naast VLAREM I en II ook het Milieuhandhavingsbesluit, het VLAREL, het VLAREBO, het Besluit van de Vlaamse Regering betreffende het onderhoud en het nazicht van stooktoestellen voor de verwarming van gebouwen of voor de aanmaak van warm verbruikswater en het Besluit van de Vlaamse Regering houdende vaststelling van de categorieën van projecten onderworpen aan milieueffectrapportage. In onze flitsen mei 2014 en juli 2014 kan u meer informatie vinden m.b.t. de VLAREM TREIN 2013.

 

GEVAARLIJKE STOF

 

  • Rectificatie van Verordening (EG) nr. 552/2009 van de Commissie van 22 juni 2009 tot wijziging van bijlage XVII bij Verordening (EG) nr. 1907/2006 van het Europees Parlement en de Raad inzake de registratie en beoordeling van en de autorisatie en beperkingen ten aanzien van chemische stoffen (REACH), E.P. 18 november 2014.
  • Speelgoed en artikels bestemd voor het verzorgen van kleine kinderen die bepaalde ftalaten bevatten in een concentratie van meer dan 0,1 gewichtsprocent mogen niet in de handel gebracht worden. Deze bepaling werd d.m.v. een rectificatiebericht op 18 november 2014 aangepast. De drempelconcentratie van 0,1 gewichtsprocent wordt aanzien ten opzichte van het weekgemaakte materiaal, en niet ten aanzien van het volledige product.

 

  • Op 17 december 2014 besliste ECHA om 6 stoffen bijkomend op de kandidaatslijst te plaatsen, waarmee het totaal aantal stoffen op de lijst op 161 komt. De kandidaatslijst bevat de zeer zorgwekkende stof (SVHC) welke ernstige effecten kunnen hebben op de gezondheid van de mens of het milieu. Stoffen opgenomen op de kandidaatslijst kunnen uiteindelijk opgenomen worden in de autorisatielijst (bijlage XIV) of de restrictielijst (bijlage XVII).

 

  • Verordening (EU) nr. 1297/2014 van de Commissie van 5 december 2014 tot wijziging van Verordening (EG) nr. 1272/2008 van het Europees Parlement en de Raad betreffende de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (CLP-Verordening), met het oog op de aanpassing aan de technische en wetenschappelijke vooruitgang, E.P. 6 december 2014.
  • Er worden strengere verpakkings- en etiketteringseisen ingevoerd voor consumentenwasmiddelen in oplosbare verpakkingen voor eenmalig gebruik dit naar aanleiding van een aantal ernstige gevallen van vergiftiging en oogletsel bij kinderen. Ze moeten voortaan uit 2 delen bestaan namelijk een buitenverpakking en de eigenlijke oplosbare verpakking. Beide verpakkingen moeten voldoen aan specifieke eisen. De nieuwe voorschriften gelden vanaf 1 juni 2015. Producten die vóór 1 juni 2015 in de handel worden gebracht, hoeven tot 31 december 2015 niet geheretiketteerd en herverpakt te worden.

 

OMGEVINGSVERGUNNING

 

  • Decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning, B.S. 23 oktober 2014.
  • Dit decreet wijzigt het materialendecreet, het decreet houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid, het bodemdecreet, het energiedecreet, de wet betreffende de bestrijding van geluidshinder, het grondwaterdecreet, de wet op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen verontreiniging, het decreet betreffende water bestemd voor menselijke aanwending en het decreet betreffende integraal waterbeleid. Op 23 oktober 2014 werd het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad. Het bevat de krachtlijnen tot integratie van de milieuvergunning en stedenbouwkundige vergunning in één omgevingsvergunning. In onze flits van november 2014 kan u meer informatie vinden m.b.t. dit decreet.

 

TER INFO

PESTICIDEN

 

  • Vanaf 1 januari 2015 geldt een gebruiksverbod voor pesticiden voor openbare diensten, bermen, scholen en andere publiek toegankelijke plaatsen. Vanaf 1 januari 2015 is het tevens verboden pesticiden te gebruiken binnen een zone van 6 meter langs een waterloop. Voor de industrie (commerciële activiteiten met een verhard terrein vanaf 200 m²) geldt een minimumgebruik. De exploitant moet verplicht gegevens over het pesticidengebruik bijhouden in een register en dit ter beschikking houden van de VMM.
  • wetgeving

 

PROGRAMMADECREET – HEFFING WATERVERONTREINIGING

 

  • Het ontwerp van het programmadecreet voorziet een stijging van het tarief voor de bovengemeentelijke bijdrage en de bovengemeentelijke vergoeding. Een stijging met 16 % wordt verwacht. Hierover meer informatie in onze volgende milieuflits.

 

SUBSIDIES

 

  • Sinds 17 november 2014 is de limitatieve lijst met technologieën (LTL-lijst) die in aanmerking komen voor subsidiëring met de ecologiepremie afgeslankt tot 30 technologieën. De meest performante technologieën en de technologieën die het meeste bijdragen aan het behalen van de Kyoto-engagementen, de Europese 20/20/20 doelstellingen en de Vlaamse milieubeleidsdoelstellingen werden weerhouden. De aangepaste technologieënlijst is van toepassing op steunaanvragen ingediend vanaf 17 november 2014. De subsidiepercentages waren reeds sinds 11 juni 2014 verlaagd maar dit werd pas bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad op 31 oktober 2014. Vanaf 1 januari 2015 zullen opnieuw aanvragen ingediend kunnen worden voor strategische ecologieprojecten (STRES).

 

PREVENTIE

ADR

 

 

CIVIELE BESCHERMING

 

  • Koninklijk besluit van 25 april 2014 tot vaststelling van de modaliteiten van de opvorderingsbevoegdheid bedoeld in artikel 181 van de wet van 15 mei 2007 betreffende de civiele veiligheid, B.S. 27 november 2014.
  • Personen en middelen kunnen worden opgevorderd voor opdrachten in crisissituaties met betrekking tot civiele veiligheid. Dit kan alleen als de bevoegde openbare diensten niet beschikbaar zijn of bij gebrek aan middelen. Het KB van 25 april 2014 schept meer duidelijkheid over hoe deze opvorderingen verlopen, wat de voorwaarden en beperkingen zijn, en bepaalt het statuut en de schadevergoedingen bij opvordering.

 

  • Erratum op de wet van 15 mei 2007 betreffende de civiele veiligheid, B.S. 27 november 2014.
  • Wijziging van artikel 131 §1 van de Wet van 15 mei 2007 inzake: de beslissingen van de zoneoverheid over het organiek kader van het operationeel personeel wordt door de gouverneur goedgekeurd. Deze goedkeuring wordt zowel verstuurd naar de zoneoverheid als ook (nieuw i.k.v. erratum) naar de minister bevoegd voor Binnenlandse Zaken.

 

IONISERENDE STRALING

 

  • Besluit FANC van 17 november 2014 houdende richtlijnen op te volgen bij de detectie of het aantreffen van een weesbron in weesbrongevoelige inrichtingen in de niet-nucleaire sector, B.S. 16 december 2014.
  • In de huidige regelgeving ontbreekt een procedure voor het afhandelen van alarmen te wijten aan de aanwezigheid van kortlevende radionucliden. Daarom wordt het besluit van het FANC van 03/11/2011 houdende richtlijnen op te volgen bij de detectie of het aantreffen van een weesbron in weesbrongevoelige inrichtingen in de niet-nucleaire sector, en zijn bijlagen, opgeheven en vervangen door een nieuw besluit van 17/11/2014 van de FANC. De overige bepalingen blijven gelden inzake bijhouden door de uitbater van een inventaris van al de radioactieve stoffen die op zijn site werden opgeslagen, meedelen van interventies aan het FANC via een formulier zo snel als mogelijk maar uiterlijk 24 uur na het ontdekken van de radioactieve stof, de verplichte registratie van het meetinstrument bij het FANC en te volgen procedures bij interventie.

 

PBM’s

 

  • Koninklijk besluit van 8 oktober 2014 waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de CAO van 27 januari 2014, gesloten in het Paritair Subcomité voor de bosontginningen, betreffende de persoonlijke beschermingsmiddelen, B.S. 14 november 2014.
  • Alle werknemers in bedrijven voor bosontginning moeten een set “standaard” persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM’s) gebruiken. De kosten voor het ter beschikking stellen en het onderhoud ervan zijn ten laste van het “Bosuitbatingsfonds”. De CAO treedt in werking met terugwerkende kracht op 1 januari 2013.

 

SEVESO

 

  • Rectificatie van Richtlijn 2012/18/EU (Seveso III richtlijn) houdende wijziging en vervolgens intrekking van richtlijn 96/82/EG van de Raad, E.P. 7 oktober 2014.
  • De Europese Unie heeft enkele correcties gepubliceerd op richtlijn 2012/18 op de beheersing van de gevaren van zware ongevallen, beter bekend als de Seveso 3-richtlijn. De correcties hebben uitsluitend betrekking op de Nederlandstalige versie van de richtlijn. Meer bepaald op het feit alvorens het veiligheidsrapport bij te werken, deze te evalueren bij belangrijke wijzigingen; en rechtzetting op een fout m.b.t. kritische stikstofgehalte van de gevaarlijke stof ammoniumnitraat.
← Terug naar overzicht